Maandag, 30 september 2013


Muziektherapie (Les 5)speeltuin

A. is er vandaag ook weer, maar nu zonder mama erbij. Hij is wat verdrietig en vindt het spannend. ‘Droog je tranen’, zegt J. tegen hem. A. komt dicht tegen me aan staan om wat steun te zoeken. Tijdens het beginliedje raakt hij al snel meer op zijn gemak en gaat op zijn eigen stoel zitten. Sommige kinderen zwieren tijdens het liedje met hun benen heen en weer. Doen jullie dat allemaal maar, dat is fijn om even de boel los te gooien.

J heeft daarna een liedje dat hij graag wil zingen, ‘Elsje Fiederelsje’. Wat leuk dat hij elke week wel met een liedje komt!

Vandaag hebben we het over de speeltuin. Wat vind je leuk in een speeltuin? “De glijbaan”, zegt R. En wat is er nog meer in de speeltuin? Een schommel, een wip wap, een draaimolen. Hoe kun je deze zittend uitbeelden? Met je romp en benen van voor naar achteren bewegen, alsof je op een schommel zit. De wip wap met de armen omhoog en omlaag. R. heeft een idee hoe je de draaimolen uit kunt beelden. In kleermakerszit draait hij al schuivende op zijn stoel een heel rondje. Dat is heel leuk bedacht maar wel ingewikkeld om te doen. S. laat een andere beweging zien voor de draaimolen. Met zijn arm draait hij in het rond. Dat is een makkelijkere beweging om te doen. We zingen er een door mij zelfgemaakt liedje bij:

“De speeltuin, de speeltuin

Jippie, jippie, jee

De speeltuin, de speeltuin

En de schommel doet mee!”

Het refrein heeft een andere melodie op ‘la-la-la’, waarbij we de beweging van de schommel uitbeelden. Zo ook de wip wap en de draaimolen. De kinderen zingen flarden van de tekst mee, maar zijn moeilijk te motiveren om de bewegingen mee te doen. A. voelt zich inmiddels dusdanig op zijn gemak dat hij allang van zijn stoel af is en zijn eigen gang gaat in de zaal. Sommigen richten zich hierdoor meer op wat A. doet dan op het liedje met de bewegingen. Ze kunnen hierdoor maar moeilijk blijven zitten.

Het uitbeelden van een verhaaltje over een bezoek aan de speeltuin maakt het mogelijk dat de kinderen hun beweeglijkheid even kwijt kunnen. Lopen door de zaal (alsof we in de speeltuin zijn) wordt afgewisseld met telkens terug naar de stoelen om daarop een speeltoestel uit te beelden. Bij het lopen klinkt accordeonmuziek in een rustige candans van het lopen. Waar gaan we naar toe? De schommel. Op de stoelen volgt de beweging erbij met nu een meer heen-en-weer wiegende melodie op accordeon. Enkelen hebben hun aandacht er niet bij. In plaats van met de opdracht mee te doen zijn ze meer met elkaar bezig in de zaal.

De piano vormt een duidelijk punt om de groep weer meer bijéén te brengen. Ik speel ‘De speeltuin’, een bestaand lied. Bij de liedjes daarna mag degene die de sambabal krijgt de beurt hebben. Iedereen wil wel graag de sambabal, maar dan een liedje verzinnen is best moeilijk. Er ontstaat vervolgens een leuke vorm van samenwerking: de anderen bedenken een liedje voor degene die de sambabal krijgt. Bij ‘Krokodil in het water’ is A. alweer van zijn stoel af. Hij ligt inmiddels op de grond en schuift over de vloer voorwaarts. Volgens mij is dat de krokodil!

Het eindliedje kan voor J. maar niet snel genoeg er op volgen. Allang tijd om te stoppen, vindt hij, en staat al klaar voor de high five.

No comments yet.

Geef een reactie

:wink: :-| :-x :twisted: :) 8-O :( :roll: :-P :oops: :-o :mrgreen: :lol: :idea: :-D :evil: :cry: 8) :arrow: :-? :?: :!:


Subscribe

Subscribe to our e-mail newsletter to receive updates.

, , , , , , , , , , , , ,