Vrijdag, 20 maart 2015


 Theatrale improvisaties (Les 3):  Anton en het grote gevechtanton gevecht

Doel van de les: Met een prentenboekverhaal spelen, dansen, zingen, verbeeldingskracht stimuleren, leren omgaan met dingen die je moeilijk vindt, emoties benoemen.

Vandaag zijn we met drieën, twee kinderen en ikzelf. Zoals altijd heb ik drie tekeningen opgehangen, zodat je kunt zien wanneer de les begint (gitaar), verder gaat (een bewegend kind) en eindigt (een klok op 16.45 uur). Op de gitaar speel ik ons welkomstliedje: ‘Kom maar, kom maar, kom we gaan weer zingen’. De kinderen komen bij me zitten. Ik vertel dat we vandaag een nieuw verhaal van Anton gaan bekijken en spelen: Anton en het grote gevecht. Ik pak het prentenboek van Ole Könnicke erbij.

Samen lezen, bekijken, bevragen en becommentariëren we het verhaal. Ik vraag bij de plaatjes wat de kinderen zien. Op het eerste plaatje een klein vogeltje! En vooral ‘Hoe ziet Anton eruit?”Kijk naar z’n gezicht’, ‘En Lukas, hoe voelt hij zich?’ De kaartjes van het Gedachte-Kracht gevoelens kwartetspel (van Nicole Hage) helpen ons bij het benoemen van de emoties van de personages.

Een klein bruin hondje speelt ook een belangrijke rol. Het is een grappig verhaal over Anton en Lukas die aan het opscheppen zijn tegen elkaar. Ze doen heel stoer en vechten zogenaamd met elkaar (ze acteren met hele grote doen- alsof- dingen zoals zwaarden en draken) maar zijn uiteindelijk bang voor het hondje dat naar ze blaft. De kinderen die met me mee kijken in het boek, begrijpen het ook niet helemaal dat Anton en Luksas bang zijn. ‘Wat wil het hondje?’, vraag ik. ‘Spelen’, zegt een kind overtuigd. ‘Maar wat denken Anton en Lukas’,  vraag ik. Dat is wel een beetje moeilijk ingewikkeld. Anton en Lukas klimmen in een boom zodat het hondje niet bij hen kan komen en het hondje gaat dan alleen maar harder blijven. De kinderen begrijpen het hondje wel. Het probeert nog duidelijker te maken dat hij met de kinderen wil spelen: ‘woef woef!’ Ik vertel dat Anton en Lukas in de boom bang zijn dat het hondje hen misschien wel in hun grote teen of hun bil wil bijten. De kinderen moeten hard lachen. Anton en Lukas vervolgen in de boom hun wedstrijdje opscheppen. Het hondje begrijpt er niks van en gaat weg. Anton en Lukas klimmen ten slotte uit de boom en doen wie het hardst naar huis rent – want ze hebben allebei om het hardst honger.

We gaan het verhaal spelen. De kinderen vinden het fijn om stoer te doen, met elk een pet op.’ En waarom heb ik brillen meegenomen wil een kind weten. Dat is stoer zeg ik. Het gevecht spelen gaat goed, het opscheppen ook, maar we gaan wel een beetje snel door het verhaal heen. Op mijn voorstel bouwen we een toren van blikken om te kijken wie hem het eerst in een keer kan omgooien met een eierdoos. Dat is lang niet zo makkelijk als het lijkt. Elk kind krijgt een kans en als een kind onverwacht wint, krijgt het andere kind een herkansing. Iedereen wint een keer. Als een kind het hondje gaat spelen wordt het pas echt leuk. Het is een heel aardig hondje dat houdt van knuffelen en spelen, van hard blaffen en een beetje bijten. Het andere kind wil het liefst alles tot het einde uitvechten, maar het hondje en ik doen een beetje zielig. Het andere kind is eigenlijk wel klaar met spelen en wil opruimen. Het hondje en ik rekken het spel nog even door hem uit te dagen.

Ik troost het hondje dat het aardig is en aai het over z’n bolletje.

Het is het tijd. ‘We ruimen alles samen op, ik tel van een tot tien’, zing ik. ‘Wel echt tot tien tellen’,  zegt een kind. Volgende keer een nieuw Anton verhaal. Welke is nog een verrassing.

Groetjes van juf Sandra

No comments yet.

Geef een reactie

:wink: :-| :-x :twisted: :) 8-O :( :roll: :-P :oops: :-o :mrgreen: :lol: :idea: :-D :evil: :cry: 8) :arrow: :-? :?: :!:


Subscribe

Subscribe to our e-mail newsletter to receive updates.

, , , , , , , , , ,